Op mijn allereerste dag als coassistent ooit, zei de huisarts waarmee ik coschap liep het volgende over een patiënt: “ik heb hem weken geleden diclofenac voorgeschreven en hij gebruikt het nog steeds! Hij snapt toch wel dat hij moet stoppen als de pijn voorbij is.” Ik weet nog dat ik het toen eigenlijk wel logisch vond dat de patiënt deze medicijnen nog gebruikte, want niemand had hem immers verteld wanneer hij daarmee moest stoppen.

Is het logisch?

Inmiddels snap ik het nu eigenlijk ook niet zo goed meer als mensen tot in de eeuwigheid hun maagzuurremmer of pijnstiller blijven gebruiken zonder daarbij een arts te raadplegen. Want ik vind het tegenwoordig ook volkomen logisch dat je bepaalde medicatie maar tijdelijk gebruikt. Soms is het dan nuttig om een stapje terug te doen naar jezelf als beginnende co. Ik vraag me dan af: wat vond ik toen niet logisch? Wat begreep ik destijds niet?

Goede instructies

Met deze vragen in mijn achterhoofd probeer ik een patiënt nu goed te instrueren hoe, hoe vaak, maar vooral ook hoe lang ze bepaalde medicatie moeten gebruiken en wanneer ze dit moeten stoppen. En hoewel ik me soms wel kan inleven in een mopperende arts die er met zijn/haar hoofd niet bij kan dat iemand een bepaald soort medicijn onnodig al jaren slikt, probeer ik me dan het volgende te realiseren: je weet meer dan je denkt.

We zijn al super slim!

Soms besef ik nog steeds niet hoe groot de lading achtergrondkennis is die ik in de loop der jaren ben gaan bezitten. Als je eens bij jezelf nagaat hoeveel kennis je in al die tijd hebt vergaard en hoe goed je bent geworden in klinisch redeneren, dan kan je je goed indenken wat voor een patiënt eigenlijk helemaal niet zo logisch is als voor ons. We zijn dus eigenlijk veel slimmer dan we realiseren. Terwijl we nog slimmer worden, moeten we bedenken dat de kennis die wij hebben voor lang niet iedereen vanzelfsprekend is. Denk daarom maar eens terug aan je eerste weken als co en trek daar nog een paar jaar colleges en een aantal grote stapels boeken vanaf. Dan heb je de uitgangssituatie van de gemiddelde patiënt en daar moeten we naar handelen.